De afgelopen week viel er weinig te loggen daar die bestond uit regen en modder. Druilerige dagen, die snel voorbij zijn, het wordt alweer donker als je voor je gevoel nog maar net de gordijnen hebt opengedaan. Wel maakten we van een verregende ochtend gebruik voor een expeditie naar de HEMA, een wonderlijke winkel van naaigaren, klassieke bretels, chocoladeletters in januari, telefoonladers met Nijntje-motief, ondergoed en kussenslopen in Nederlandse maten. Allemaal niet aan ons besteed, maar er was nog één paar echte wanten in mijn maat, die heb ik toch maar mooi, nu de winter net achter de rug lijkt te zijn. Ook scoorden we keukenhanddoekjes, stoffen zakdoeken en een flessenschraper, en vier kleine bekertjes voor sinaasappelsap, waarvan ik na thuiskomst ontdekte dat er nog vijf andere ongebruikt in de kast stonden. Volgende keer eerst even nadenken.
Er is nog wel wat winter in aantocht, maar Nero zit nergens mee. Hij komt geregeld van zijn andere adresje door de regen aan kuieren, kletsnat. Zolang er maar brokjes worden verstrekt trekt hij zich van sneeuw of regen niets aan.

Maar dan scheen zaterdag de zon. We moeten er altijd even aan wennen als we buiten weer wat kunnen doen, in plaats van na het voeren op de bank of achter de pc neer te zijgen. Er floot een vogel, ik zag een vlinder fladderen, er waren een paar knaasjes en ho! ik ontdekte na het opruimen van de houtstapelplek een teekje op mijn arm. Een teek, pfff, die dacht zeker ook dat het voorjaar was ingevallen, maar dat maakt deze teek niet meer mee.

Zondag kwam Sunshine om met HiRise en R te oefenen, en ze bracht haar moeder en Jay mee. Zoals altijd ging het er dynamisch aan toe. Tegelijkertijd maakte Justine een prima ritje met Kir. Bij thuiskomst bleek Jay in de roundpen zoveel spektakel aan te richten dat de opwinding op Kir oversloeg, maar Justine weet dat inmiddels in goede banen te leiden.
De kerstboom naar buiten, alle ramen, het hele huis én de was schoon, verse boodschappen in huis en ik ging nog naar de kapper ook. Een fris begin, alles bij elkaar.
We kregen sneeuw, vorst, storm, regen, dooi, modder en nu weer sneeuw. Zo was het weer.

Met de paarden kon er weinig gebeuren wegens bevroren grond en kluiten onder de hoeven. HiRise wil in de sneeuw nog weleens een leuk galopje trekken of de lucht in met vier onbeslagen benen tegelijk, maar de anderen zijn daar niet zo voor in, met hun ijzers.
Gisteren en vandaag waren ze dan eindelijk tot de conclusie gekomen dat het bij storm en regen toch wel goed schuilen is in de boxen onder het dak. Daar staan ze normaal alleen in als de insecten ze tergen, in de zomer. Alleen om te eten staan ze nu bij de ruif, met hun staart naar de wind.
Zelf doen we momenteel ook niet veel buiten. We verzorgen de dieren met voer en water, en binnen hebben we een stapel boeken, R doet op de pc onbegrijpelijke dingen met wiskundige formules, en er is cake.
Er wordt nog weer strenge vorst voorspeld.
Het oude jaar is goed geëindigd, met heel weinig geknal en misschien vier of vijf vuurpijlen, ver weg aan de overkant van de Vierre. Zoals altijd moesten de logees het binnen zelf uitzoeken, terwijl I+R in de wei stonden om een oogje op de dieren te houden. Dat viel mee, Kir keek een paar keer op tussen de happen hooi door maar er was gelukkig geen grote onrust.
Toen we buiten kwamen, kregen we dit zeldzame tafereel te zien. Tenminste, het kan best dat Océ en Nero elke avond zo gezellig samen in hun nest liggen, maar gezien hebben we het nog nooit. Als ze ons horen aankomen, springen ze normaal altijd meteen tevoorschijn en dan weten we niet waar ze vandaan komen. Ze keken op oudejaarsavond een beetje verstoord maar dat kwam doordat we opeens het licht aandeden. Katten zijn over het algemeen niet bang voor vuurwerk, en onze twee bleven ook rustig in hun nest liggen tijdens het knallen. Na een kwartier was het in het dorp alweer voorbij en konden we naar binnen.

Ook het nieuwe jaar is goed begonnen. We maakten verschillende wandelingen door de sneeuw. In de weersverwachting stond het woord sneeuwwolkbreuk, en inderdaad kregen wij iets op ons hoofd dat erop leek. Weer thuis mat R de sneeuwhoogte: 5 cm, dus nog niet indrukwekkend.

We kwamen weer niemand tegen en zagen geen wild, alleen een staartsleepspoor bij het beverbeekje. Thuis waren er logees, boeken, dekentjes en appeltaart. Zoals ik zei, het nieuwe jaar is goed begonnen.
Een logje schrijven over de afgelopen week valt niet mee. Er was niet veel onverwachts voorzover ik mij kan herinneren, wat weinig zegt want soms weet ik 's middags al niet meer wat er die ochtend gebeurde en het komt ook voor dat ik me in de keuken sta af te vragen wat ik daar ook alweer van plan was te doen of te pakken of desnoods schoon te maken. Als je dan terugloopt naar de plek waar het plan opkwam, komt het wel weer terug dus de toestand is (nog) niet zorgwekkend.
Maar routine is ook niet saai. Iedere nacht lichte vorst, en tot en met donderdag gierend harde oostenwind. Sunshine kwam weer voor HiRise en R deed daarna zijn 'huiswerk'oefeningen met hem, zolang de roundpen niet bevroren was. Toen het gisteren niet meer zo hard waaide, liet hij Justine zien hoe hij tewerk ging met HiRise en Kir, trickle down van vaardigheden als het ware. Voor de gelegenheid kregen de paarden fotogenieke paarse bandages om.

We maakten een rustig ritje met Titan en Harissa, kalm-aan wegens op de meeste plaatsen bevroren bosgrond. Ik trachtte R er nogmaals van te overtuigen dat ik na al die jaren nog de weg niet weet in het bos. Die paden veranderen dikwijls vanwege de bosbouwtractoren, in elk jaargetijde ziet het er sowieso weer anders uit, dichtbegroeid of juist open, en af en toe vindt (of maakt) R ook een nieuw paadje. Als ik ergens aankom (bij het 'pad van de dode vos' bijvoorbeeld), dan herken ik de plek heel goed maar ik weet niet hoe ik er moet komen en ook niet zo precies hoe we daarna naar huis kunnen. Dat is niets nieuws, het was tien jaar geleden al zo en de omstandigheden zijn nog hetzelfde: bosbouw, seizoenen etc. Het kan me eigenlijk ook niet schelen, zolang er maar bomen zijn en mooie vergezichten en Harissa's oren, en natuurlijk R die overal wél de weg weet. In Luxemburg-benedenstad verdwaalde ik destijds trouwens ook steeds.
Dan nu de laatste dagen van het jaar. Logees. -8° vanochtend en tegen donderdag misschien sneeuw.
Deze week was er het een en ander onverwachts. Dinsdag kwam Sunshine om de opleiding van HiRise een nieuw zetje te geven, om te beginnen longeren in de roundpen met zadel maar zonder hoofdstel. Zoals altijd ging het er dynamisch aan toe, maar af en toe stonden ze even stil voor wat uitleg. Ik zat het op het roundpenterrasje aan te kijken en het was grappig om te zien dat HiRise als er dan even niets van hem werd gevraagd, uit zichzelf keurige drafrondjes in de hoefslag inzette en er ettelijke rondjes mee doorging zonder dat er iemand naar hem omkeek, zonder te stoppen en zonder naar binnen te vallen, wat anders tijdens het 'officiële' longeren vaak wel gebeurt. Hij is slim en weet best hoe het hoort.
Donderdag heel vroeg paarden voeren en dan naar Luxemburg vanwege de verjaardag van mijn knieprothese. De chirurg was erg tevreden, ga zo door met fietsen en blijf vooral bewegen, over twee jaar terugkomen. Mooi zo.
Donderdagmiddag reden R en Justine op het groene pad, dat nu een modderige geul vol plassen is, langs een dode buizerd, zomaar plat op de grond met uitgespreide vleugels en met zijn hoofd in een plas. Een sneu gezicht, en ongekend. Buizerds zijn heel behendige vliegers, die vliegen zich niet tegen een boom te pletter. Vrijdag lag hij er nog. Na een mailtje met foto aan de AFSCA, die de vogelgriep in de gaten houdt, kwam er minuten later al een telefoontje terug dat er iemand zou komen. Pronto! Inderdaad kwam er al snel een garde eaux et forêts, we wezen de plek aan, ze maakte foto's en zou later op de avond terugkomen met de voorgeschreven handschoenen en dubbele plastic zakken om het dier mee te nemen voor onderzoek. De uitslag daarvan krijgen we waarschijnlijk niet te horen.
Na dat ritje bleek Justine haar gsm kwijt te zijn, waarschijnlijk onderweg verloren. Haar vader wist hem met zijn telefoon te lokaliseren, ergens in de buurt van Burnéchamps. R en Justine haastten zich met de auto die kant op terwijl het al een beetje donker werd, ze hobbelden illegaal over het bospad, en na wat geharrewar over de juiste plek vonden ze hem inderdaad, precies daar waar Kir tijdens de rit een paar rare sprongen had gemaakt op het hellinkje naar beneden. Eind goed al goed. Een prettig maar onverklaarbaar neveneffect van dat gehobbel was bovendien dat de drie onbegrijpelijke knipperende lampjes in de auto waar al door twee garages naar gekeken is zonder iets te vinden, opeens zijn verdwenen. Dat kan natuurlijk ook toeval zijn.
Gisteravond zouden we dan naar de kerstmarkt in Jamoigne. Stevige schoenen aan, jas aan, pet op tegen de kou, klaar om de deur uit te gaan. Maar plienk ploenk! de bel: de club des jeunes aan de deur. Het was even gezellig als elk jaar, ze dronken een biertje en we kregen de gebruikelijke koekjes. Na een half uurtje vertrok het hele stel naar het volgende adres. 70 adressen in totaal in het dorp in drie dagen tijd, waarvan sommige mensen niet thuis zijn, enkelen gewoon niet opendoen, weer andere hun koekjes in ontvangst nemen zonder de club binnen te laten, en bij de gezellige stommelen ze naar binnen. We vinden het een leuk idee en te waarderen dat ze ons oudjes niet vergeten, als een stel roodkapjes die oma een mandje met lekkers komen brengen. Deze keer was er geen père noël bij, dat is eigenlijk wel traditie.

Daarna vertrokken we alsnog naar de kerstmarkt, waar het druk was maar niet té, een grote dansgroep gaf een voorstelling, we aten Algerijnse hapjes die eigenlijk warm moesten zijn maar de frituurpan was en panne, en dronken gloeiendheet appelsap bij het kraampje van mijn meelleverancier.

Vanmiddag kwam Fred onze paarden en Sana beslaan. Er was wat verwarring hoe hij eerst vijf paarden bij Sophie kon beslaan en daarna vijf bij ons, waar hij normaal gesproken dan tien uur mee bezig zou zijn, wat onmenselijk is, maar het bleek toch te kunnen want er kwam nog een smid mee en het ging allemaal vlot. Bij HiRise hoefde niets te gebeuren dus eigenlijk ging het hier maar om vier paarden. Na afloop was er voor iedereen die wilde nog een Orval omdat de jeunes al onze gewone biertjes hadden opgedronken, Alex en zijn zoon en Olivier kwamen Lina ophalen, die met Maéva was meegekomen op de brede rug van Sana, dus het was een drukte van belang. Sana duurde het wachten iets te lang en ze deed een enorme plas op de betonplaat, Fred reed zijn busje slippend in de modder net niet tegen een omheiningpaal, en toen iedereen vertrokken was konden we de paarden loslaten, graan en hooi voeren, Océ brokjes voorzetten, nog even opruimen en toen was het wel weer even genoeg voor één dag.
Het werd eindelijk dan toch droog én het werd 15 december, dus zoals ik al zei: het was tijd voor de boom. We vonden al snel een exemplaar dat ons aanstond, zaagzaagzaag, onderweg naar huis werd hij traditiegetrouw een stukje groter dan toen hij nog in het bos stond en na meten en boren met drie verschillende boormaten stond hij (vrijwel) keurig rechtop. En hij flonkert zoals het een degelijke kerstboom betaamt.

De twee buitenbomen werden zondag al geïnstalleerd, evenals wat andere kerstvrolijkheden. Alles bij elkaar zijn we nu wel zo'n beetje in the mood. Natuurlijk wel zonder kerstmuziek of stress omdat er veertien mensen op de feestdis verwacht worden, en last-minute-cadeautjes kopen hoeft ook al niet. We blijven gemoedelijk met zijn tweetjes, plus uiteraard de paarden en de katten. Gewoon voeren en mest ruimen zoals iedere dag.
Alleen vrijdag gaan we de kerstmarkt in Jamoigne bezoeken, het is de eerste keer dat die georganiseerd wordt en we hoorden al dat het gezellig was. Kraampjes, muziek, lokale producten, en zonder mensenmassa's en anti-aanslagen-betonblokken. Waar vind je dat nog? Op het platteland!
Het blijft maar regenen, niet hard maar gestaag. Sopsop. Gisteren 15 mm, vandaag alweer 10 en de dag is nog niet voorbij. De paarden staan hooi te eten in de regen en als het op is verhuizen ze naar de drup, half onder het boxendak, Kir half onder de luifel op de uitkijk. Niet dat er iets te zien is, het dorp is allang verdwenen in de laaghangende wolken en er is niet eens jacht, maar Kir is nu eenmaal de schildwacht.
Nero kwam kletsnat thuis, ik liet hem een paar uur opdrogen in de sellerie net als laatst, en daarna was hij nog steeds niet droog. Alleen de mezen trekken zich niets aan van de regen, het is nu juist veilig rond de vogelhuisjes want Océ verstopt zich met dit weer niet onder de dennetjes met een roofzuchtige blik in de ogen, integendeel ons prinsesje blijft de hele dag in haar nest liggen, hoog en droog.

Binnen zou je er melig van worden. We haalden de kippenpuzzel tevoorschijn, maar helaas hadden we hem met een uurtje of twee drie al in elkaar zitten. Dan maar de steampunkpuzzel, die is tenminste moeilijk. We hebben hem al vaker gemaakt maar het blijft een uitdaging, 1000 stukjes, allemaal in verschillende tinten bruingrijszwart.

De buurvrouw heeft haar kerstboom al in huis, deze keer zo te zien gewoon uit het bos. Zelf vinden wij het nog veel te vroeg, rond 15 december is onze kerstboominhuishaalstreefdatum. Met de kerstbomen aan de overkant gebeurt dit jaar niets. Ze hadden allang geoogst kunnen worden maar de eigenaar zit in de bak en het bedrijf is failliet, lazen wij in de krant. Daar staat dus kapitaal te ontwaarden, maar nee, wij halen gewoon net als altijd een van de kansloze sparretjes uit het bos, die zijn van niemand. Op een droog moment, als dat zich nog eens voordoet, en anders in de regen.
Na een nachtvorstje (-3°) en tijdens blauwe opklaringen (+1°) wandelden we naar het beverbeekje. Volop dammen, watervalletjes en stroomversnellingen daar. We verstoorden een witte reiger, zowel op de heen- als op de terugweg. Niet dat we dichter bij hem kwamen dan een meter of 30 maar dat vond hij toch te bedreigend. Vreemd eigenlijk, er is toch nooit een mens die een reiger naar het leven staat. Wie gaat er nu op de reigerjacht? Die vogels hebben hier helemaal geen natuurlijke vijanden.
Tussen de twee bruggen had de vlijtige bever weer aan de wilg gewerkt. Hij had er een lange, dikke tak weten af te knagen, die lag nu dwars over het pad. R legde hem opzij, als er een keer iemand overheen rijdt, is hij niet meer aantrekkelijk voor bevers, en dat na zoveel moeite. In elk geval is Ed nog niet tevreden want met de volgende tak was hij al meer dan halverwege. We verbazen ons er wel over, want als die takken helemaal naar het beekje moeten worden gesleept is hij een flinke tijd bezig. En als hij de Vierre ermee wil afdammen, die veel dichterbij is, wordt het niks. Ten eerste stroomt die veel te krachtig en ten tweede zal Eaux et forêts dan zeker ingrijpen want een dam in de Vierre zou leiden tot permanente overstromingen in de weilanden en zo ver gaat de re-wilding vooralsnog niet.

Toen we thuiskwamen, bleek de ruif alweer twee meter verschoven. We zagen Kir duwen om bij het allerlaatste plukje hooi in het midden te komen. Echt wel slim, maar dit wordt toch te gek, om de dag de tractor tevoorschijn halen om die ruif weer op zijn plaats te zetten. R bedacht een plan en vandaag voerde hij het uit. Het is een experiment, als het in de grond geramde betonijzer niet tegen haar geduw bestand is, gaan we op zoek naar een dikkere ijzeren pin.
Behalve een heleboel routine (hooi, water, mest, de ruif terugplaatsen wanneer de paarden hem weer twee meter heuvelaf hebben geduwd) waren er de afgelopen week bij hogere temperaturen en druilerig weer ook een paar nieuwe dingen.

Zo maakte ik voor het eerst in misschien wel twintig jaar een tekening. Geen kunst, maar een weergave van de werkelijkheid. Ik ben het vaak genoeg van plan maar er kwam nooit wat van, terwijl R alweer jaren geleden zo'n mooi tekenbord voor me gemaakt heeft.
Van heel andere orde is het experiment om de laatste hooirol van 2024, die beschimmeld is, in de sparren te deponeren. We willen zien of en hoe snel hij uit elkaar valt, en of er bosdieren van komen eten, zodat we kunnen zien of hij van binnen ook beschimmeld is.

Verder kregen we bij de apotheek onze wintervaccinaties, covid en voor mij griep, dat was de eerste keer in mijn leven. Niet dat we kwetsbare ouderen zijn geworden, maar onkwetsbare ouderen zijn we natuurlijk ook niet. De leeftijd ...
En ik scoorde een paar nieuwe robuuste handschoenen bij DH, een kleine maar belangrijke vreugd als de oude in lappen uiteenvallen. Bij echte kou zou een paar wanten nog beter zijn, maar daar doet men hier blijkbaar niet aan. Alleen bij de hema zag ik vorig jaar een paar, natuurlijk specially imported by the management at colossal expense uit Nederland, maar niet de goede maat, en als we in Nederland zijn is er nooit tijd om op wantenjacht te gaan, dus ben ik aan het begin van de winter toch blij met deze, die R 'je motorhandschoenen' noemt.
Koud hè? Vrijdagnacht -10° en gisternacht -6. De paarden krijgen extra hooi voor 's nachts en ook dat is 's ochtends schoon op. Elke dag voor de paarden ettelijke emmers water in de ton in plaats van via de automatische drinkbak, ook een paar keer per dag een klein bakje water voor Nero en Océ want dat bevriest alweer snel, dan bevroren mest loswrikken, eerst langs de ruif en vlak voor het hooischuurtje en daarna bij de mesthoop alles weer uit de kruiwagen zien te bikken.
O ja, de mezen niet vergeten. Zaad pitten vetbolletjes pinda's, drinkwater.
Ziezo. Alles bij elkaar heel wat werk. En klaag ik? Ik klaag niet, want het is mooi, vorst.

En in huis is de verwarming aan.