Afgelopen vrijdag maakten we 's ochtends een fijn ritje in het bos achter het huis, met zelfs een aardig galopje, wat voor mij best lang geleden was. En 's middags zwaaiden we Paprika uit, Olivier heeft haar verkocht aan een meisje dat er blij mee is. Eerder die week waren ze in onze roundpen al komen testen, eerst Olivier alleen, de tweede keer met de nieuwe eigenaars. Paprika was braaf en ze zal wel weer wennen aan het classic rijden. In elk geval gaat ze daar de wei in en hoeft niet in een box te staan, en het is goed dat ze wat te doen krijgt in haar leven in plaats van in de wei rond te hangen.
Zaterdag en zondag voerden we niet veel uit, regen, en ook maandag stelden we de geplande rit uit omdat het 's ochtends goot. Dinsdag reden we dan wel met Edwin en Salem (en Lucky) naar de barrage, met prachtig fris weer, geen vliegen of knaasjes, en veel snaaibaar groen beukenblad. Ik keerde halverwege met Harissa terug naar huis. Twee uur in het zadel is mij genoeg, met onderweg nog een stukje lopen om de knieën beweging te geven. Toen de mannen uiteindelijk 20 km bleken te hebben gereden was ik blij dat ik niet het hele eind was meegegaan.
De week daarvoor maakten we ook een heel mooie rit, die ik helemaal vergeten was te loggen. We zetten Harissa en Titan in de trailer en reden naar de Pont de fer. Bij de nieuwe stapstenen, die de paarden niet eerder hadden gezien maar die ze niets bijzonders vonden, staken we de Vierre over. Ondanks de voorafgaande periode van droogte stroomde er behoorlijk wat water. Vroeger mocht je in dat gebied niet komen. We hebben indertijd nog met succes helpen demonstreren tegen de afsluiting. Er zijn daar mooie paden, die we nog gaan verkennen. Het pad dat we namen, liep uiteindelijk dood tegen een nieuwe gaasomheining, maar het terrein is best groot.
Woensdag haalden we het nieuwe bankje voor het roundpenterrasje op, net op tijd want toen ik het oude houten bankje wilde optillen, hield ik alleen de armleuning in mijn hand. Een keer schudden en ik had een lading vermolmd hout in plaats van een bankje. Het nieuwe heeft kussens, luxe! en er zijn ook twee fauteuils. Omdat die kussens op zich buiten mogen blijven maar ja, dan worden ze nat en groen, maakte ik plaats in het tractorschuurtje voor ze. Dat was even werk, maar na wat vernuftig puzzelen en een heleboel stof, spinnewebben en de ontdekking van een groot oud wespennest is er nu weer plek zat.
Ook voor de katten om te schuilen, wat goed van pas kwam. Gisteren zat Lucky ze achterna en vandaag kwam Sunshine met niet een maar twee honden. Ook als Fred zijn honden meebrengt, smeren Océ en Nero hem zodra ze zijn busje het hek door horen rijden.

Daar zitten ze hoog én droog. Vandaag regen hagel en koude wind en af en toe felle opklaringen. Twee nachten geleden zijn de blaadjes van de notenboom en de kastanje weer bevroren. Er groeit nu volop gras in de crossbaan.
Eens uitgebreid klagen over ritsen deze keer. Goede werkjasjes, die van Herock, glad dus handig bij het voeren van hooi, ruim genoeg voor een trui eronder, voldoende grote zakken, slijtvast, kunnen jaren mee. Ideaal. Maar. Onlangs was mijn naar schatting vierde jasje (in 15 jaar tijd) rijp voor de vuilnisbak, telkens om dezelfde reden: de kunststof rits doet het niet meer. Gewoon omdat er één tandje van de rits verbogen is. En in een jasje zonder rits is hooi voeren geen optie.
Dat was een. Dan mijn onverwoestbare Carhartt jas voor echt koud weer. Kwaliteitscanvas. Gaat al tien jaar mee en daar kunnen er nog makkelijk twintig bij als het aan het materiaal ligt. Warm gevoerd. De maat van de zakken is wel die van de vorige eeuw, toen nog geen enkele boer eraan dacht dat men weleens een mobieltje zou willen meenemen de wei in. Koperen rits, doet het altijd. Maar het koperen boogje waar het trekdingetje aan hoort te zitten, is finaal afgebroken. Solderen of lassen kan niet. Met zorg en geduld is de rits dicht te krijgen en dan heb je ook wat, maar haast is uit den boze. En dat moet zo vanwege één klein priegelig dingetje, de komende twintig jaar, niets aan te doen.
Deelbare ritsen: ingebouwde ellende. Mijn nieuwe lange winter/regenjas met deelbare rits tot helemaal onderaan is het ergst. De twee schuifdingetjes moeten precies recht achter elkaar onderaan de rits worden aangebracht anders gaat het gegarandeerd scheef, maar daartoe moet je je vooroverbuigen, waardoor de twee schuifdingetjes juist niet precies recht achter elkaar onderaan de rits belanden, en als je de zaak forceert, mag je blij zijn als je het scheve ritsdeel weer open krijgt. Meestal is hulp van R dan onmisbaar. Ik los dat nu maar op door de rits altijd half dicht te laten en in en uit het gevaarte te stappen zonder verder de rits aan te raken. Acrobatische toeren.
En vorige week schoot ook de deelbare rits van mijn lichte bodywarmer in een bocht. Ging niet meer open of dicht, tandje verbogen. R wist het te verhelpen door het subversieve tandje er met de tang uit te knijpen en nu werkt het weer, zo lang het duurt. Toegegeven, dat kledingstuk heb ik al 16 jaar, beetje slijtage. Maar afgezien van dit euvel kan hij qua stof nog jaren mee.
Dus. Kan er nu eens iemand een duurzaam onfeilbaar sluitingsysteem bedenken? Knopen sluiten niet voldoende af, klittenband daar gaat hooi en stof in zitten, houtje-touwtje lijkt me ook geen goed idee. Gat in de markt, kom op uitvinders.

Om positief te eindigen kan ik melden dat het gras na een paar degelijke regendagen (+/- 25mm) goed groeit, dat het hooi op is en dat de paarden fulltime in het ruïneveld lopen met stripbegrazing en overdag toegang tot de crossbaan. Het hooischuurtje kunnen we pas schoonmaken als de zwaluwen weer vertrokken zijn. Ik vond al een wit piepklein eierschaaltje onder de zuilbeuk en een groter groengespikkeld exemplaar bij de roundpen. De koekoek koekoekt nog steeds en alle zangvogels zingen. De meidoorn geurt, de paardebloemen pluizen.
Kijk, 72 (links in beeld) en 17 (rechts).

Volgend jaar zijn we samen 90 (daar zorgt Harissa voor op 30 april), en op 3 mei wordt het dan meteen weer 91 samen. Wat vliegt de tijd ...
Het wil de laatste tijd niet vlotten met dit weblog. Ik heb best tijd, er gebeurt ook van alles, er zijn zelfs echte mijlpalen, maar logjes nee. Het heeft iets te maken met de dagindeling, nu we de paarden tegen het eind van de middag in het ruïneveld laten (mijlpaal 1!) en pas tegen 21 uur drie kruiwagens van waarschijnlijk de laatste baal hooi voeren (mijlpaal 2), is daarna én ervoor de tijd voor een echt logje te kort.
Nou, het zou natuurlijk best op een ander moment kunnen als ik er maar even voor ging zitten. Tenslotte was er ook tijd voor mijn tot drie keer toe uitgehaalde trui, begonnen als een vest en na het doorlopen van de fase 'V-halstrui', waar ik sowieso niet aan had moeten beginnen want ik hou helemaal niet van V-halzen, nu in elk geval afgekomen (mijlpaal 3), met gebruikmaking van het allerlaatste draadje vestenwol. Van de overige kliekjes brei ik alweer een paar sokken. Maar wat voerde ik dan verder uit, de afgelopen periode? Ik zat in die twee weken met aanhoudend zon toch niet de hele tijd binnen met een breiwerkje? Hm.

De natuur gaat binnen en buiten gewoon door, ondanks de aanhoudende droogte. De binnen overwinterde fuchsia bloeit, de pioenrozen groeiden al boven hun rekjes uit, en zelfs het kansarme exemplaar onder de zuilbeuk kwam weer op, terwijl het niet eens een eigen rekje heeft. Er arriveerden drie zwaluwen (mijlpaal 4!), waarvan er twee op het oude nest zitten in het hooischuurtje. Bij het hooivoeren 's avonds doen we daarom de mooie nieuwe lampen niet aan, om de zwaluwen niet af te schrikken.
Justine vierde Kirs tiende verjaardag (mijlpaal 5!) met speciale paardentaart, eerlijk gedeeld met de andere drie. Harissa moest eerst wel achterdochtig op haar taartpunt kauwen, fijnproefster die ze is. Daarna werd de verjaardag nog eens in de zon uit de wind op het terras gevierd door de mensen, met door Barbara gemaakte Maitrank.
De allergrootste mijlpaal was vervolgens de komst van de nieuwe maaier. Eindelijk hoeft R niet meer elke week achter de grote benzinemaaier helling-op helling-af te lopen, broemBROEM, BROEM. Stilte, de elektrische maaier doet zijn werk zacht zoemend maar doeltreffend. R is wel een tijd druk geweest met de installatie en toezien of alles goed verloopt, en er moest ook nog een kabel in een goot worden aangebracht, maar nu kent Joris zijn taak en voert die helemaal zelfstandig uit. De paarden vonden hem in het begin erg intrigerend, vooral HiRise, maar ze begrepen al snel dat het geen bedreigend dier was.

Sunshine kwam regelmatig om met R en HiRise te werken, en R zegt na afloop telkens dat het een goede les is geweest. Ze vorderen, het gaat om de puntjes op de i. Ik doe nooit mee, langs de kant versta je geen woord zodat het hele nut je ontgaat, en bovendien heb ik de neiging opmerkingen te maken, die op dat moment meestal helemaal niet relevant zijn.

Verder verliep de afgelopen periode met een beetje van dit en van dat, zijn gangetje, zoals het ook hoort. Alleen afgelopen vrijdag was er een hoop drukte bij de boxen. Sunshine kwam (met Jake) om met HiRise te werken in de roundpen, Fred kwam (met Jack en Ouma) om de andere paarden te beslaan, zoals gepland, en Maéva met Sana zoals de laatste tijd steeds, maar ze bracht ook Bibine mee, die voor een hoop spektakel zorgde door met het touw te vechten, te stampen, te steigeren en zo meer. Maar bovendien kwam Olivier (met een onbekend jongmens), onaangekondigd, om Paprika te laten bekappen. Hij wil haar verkopen en dan moet ze er fatsoenlijk uitzien.
Alles goed en wel, maar het betekende dat onze paarden nog twee uur langer in hun box moesten blijven dan de drie uur die ze normaal al veel te lang vinden. Nadat iedereen vertrokken was en de paarden vrigelaten waren, zetten we de tuinslang op de zwijnenstal die ze ervan gemaakt hadden. Een volgende keer laten we ze eruit als ze alle drie klaar zijn. Fred zei wel dat je ze eraan moet wennen om in een box te staan, maar wij vinden van niet, zolang het niet strikt nodig blijkt.
Bezig geweest in de tuin, logees, geen tijd, dat leidt tot een onsamenhangend logje, moet ook een keer kunnen. Siergrassen gesnoeid, haardhout gestapeld, alles in de haag en de crossbaan begint groen te worden, en al lijken de braamstruiken nog dood, we weten wel beter.

De pioenrozen schieten omhoog met hun rode steeltjes, nog veel vroeger dan vorig jaar. De notenboom maakt heel kleine knopjes, als hij nu maar onthouden heeft wat hem vorig jaar is overkomen, anders wordt het weer een najaar zonder noten. Je weet het niet met dat klimaat van tegenwoordig, het lijkt wel elk jaar gekker te worden.
De zuilbeukjes lopen uit, de berken in de crossbaan zijn heel ijl lichtgroen, de eiken zijn nog kaal.

Er is een nieuwe vogel die tegen het raam klopt, een merel dit keer. Vorig jaar was er een kraai die indruk wilde maken op zijn vrouwtje, we vonden later een grote witte kiezelsteen die hij van het dak had geworpen, als voorbeeld hoe een ei eruitziet. Romantisch. De afgelopen weken had een vink hetzelfde idee bij een van de bovenramen. Tik tik tik tok tok.
De knaasjes vielen mee, tot vandaag. Ik nam Harissa mee uit grazen in het bos, helaas miljoenen knaasjes daar, en ze steken. Jas dicht, muts tot ver over de oren, en Harissa wil voortdurend gekrabd worden, al zit ze nog dik in het winterhaar. De paarden staan regelmatig onder het boxendak te schuilen voor die pestbeestjes.

Het gras in de weiden is na een half dagdeel regen frisgroen geworden. Er moet nog wel wat regen bij vallen voordat het goed op gang komt. Goffinet is zijn land komen slepen, en de kerstbomen aan de overkant zijn gesnoeid.
Regen, hagel, sneeuw, felblauwe opklaringen, wind. We pasten de activiteiten aan het weer aan. De paarden ook: liggen soezen in de zon, schuilen in de boxen bij hagel, en eten gaat door bij alle weerstomstandigheden.

Nu we wat pallets hebben verzameld voor het nieuwe haardhout, ruimde ik achter de boxen alles netjes op ter voorbereiding. Dat moet gewoon een keer per jaar (vind ik). Nu nog de houtblokken niet achter maar naast het tractorschuurtje stapelen, mijn tweede hobby.

En in geval van te veel natuurgeweld was er tijd om de laatste hand te leggen aan mijn nieuwe dekentje.

En om appeltaart te bakken. Maart is zo veelzijdig.
Deze week kwam er van alles af. R reed de laatste takken naar de crossbaan, achternagedribbeld door Kir, die de uitstekende twijgjes erafhapte. Het zwembadveld is weer toegankelijk voor de paarden. Het karretje is weer schoon en wel geparkeerd op zijn plek in de carport. Het onderhanden dekentje is af, op een paar reepjes rand na. Het huis is schoon, al houdt dat niet lang stand. Noodzakelijk onderhoud, maar altijd tijdelijk.
Veel duurzamer: R monteerde alle nieuwe ledlampen in de boxen en het hooischuurtje. Die gaan als het goed is weer jaren mee. Helder en warm licht daar nu.
Vergeten te loggen: een week of drie geleden kregen we een volle tank gas geleverd. Kort erna begon men in het middenoosten elkaars installaties kapot te schieten maar wij kunnen er om te beginnen een jaar tegen. Er ligt ook nog een stapel houtblokken achter het tractorschuurtje, waar we eerst pallets voor moeten bemachtigen en een meer duurzame opslagplek installeren.
Na al het harde werken van de afgelopen tijd dacht ik kom, laat ik eens een middag relaxen en voor het eerst sprits bakken, de Zeeuwse bloem was al een tijdje in huis. En? Ging niet. Misschien zijn er mensen die een volle spuitzak spritsdeeg leeg kunnen knijpen, maar wij niet. Als vlakke plaat deeg gebakken smaakt het ook prima naar sprits. Volgende keer maak ik er ronde koekjes van zonder fancy zigzagsliertjes.

Verder is er iedere dag gewoon boerderijwerk en dat is nooit af.
Het jaarlijkse mestuitrijden is achter de rug. In het ruïneveld door I+R: dinsdag vier karretjes mest van eigen paarden, woensdag vier karretjes, donderdag kwam volgens plan Jonathan bomen omzagen, vrijdag vier karretjes en zaterdag vier en een half, en aan de overkant schapenmest door Olivier, die de afgelopen week zou komen maar zoals zo vaak de week oprekte tot zaterdag-zondag-maandag, dat wil zeggen gisteren, tien ladingen in totaal, maar in elk geval: alles ligt, op tijd voor de regen.

Er viel al een enkel drupje maar er is meer voorspeld. Het is een beetje moeilijk voor te stellen na al die zonnige dagen (deze keer gelukkig zonder veel wind), maar het ziet er veel beter uit dan vorig jaar, toen het zeven weken niet regende. Dankzij het omzagen van de scheve berk, de wilg bij de brievenbus en de zwarte populier hebben we nu vrij uitzicht op het hele weiland aan de overkant, tijdelijk vol zwarte mest. Tevreden.

In de tuin en de omgeving zijn nog bomen genoeg over. De beukjes achter de boxen komen in het najaar aan de (snoei-)beurt, misschien met een machine met zaag. We zagen het resultaat van zo'n zager langs het weiland van Sophie, dat ziet er netter uit dan de puinhoop die de heggenratser ervan maakt.

Het zagen en kloven ging vlot, donderdag aan het eind van de middag was het klaar, en gisteren reden we al twee ladingen takken de bramen in, waarna de paarden konden beginnen ze er weer uit te trekken. Takken knabbelen is avontuurlijker dan hooi eten en afwisseling is fijn.
De voorbije logloze dagen verliepen zoals verwacht, behalve dat er maar een paard kwam in plaats van drie. Met de verschillende logees en wandelaars was het erg genoeglijk en we hadden geluk met het weer, soms een beetje zon en meestal droog, alleen erg modderig na de lange regenperiode. Overal in het beverdal klatert water en de Vierre stroomde over de weg.
Wat mij het meest opviel bij de Nederlandse wandelaars was dat de bosbouw ze zo aangreep. Er zijn veel sparren gekapt in februari, dikke bomen van minstens 60 jaar oud, en de beuken die verderop gemarkeerd zijn voor de kap, zijn nog veel dikker en ouder. 'Och wat zonde, zo'n prachtige boom, en kijk daar is er nog een en nog een gemarkeerd, zo veel, wat zielig', terwijl wij dagelijks gekapte en gemarkeerde bomen zien. Bomen zijn eigenlijk gewoon een te oogsten gewas, alleen groeien ze langzamer dan pakweg mais. Er zijn maar weinig bomen waar wij een persoonlijke band mee hebben. Ik heb wel twee favoriete dennen, die in hun eentje overbleven na het kappen van alle sparren, daar heeft de bosbouw geen belangstelling voor, ze zijn te krom en dus niet rendabel.

Intussen verschenen er sneeuwklokjes, er fladderden citroenvlinders, ik zag een dagpauwoog en we worden omvergevlogen door hommels. De kraanvogels trokken in grote groepen over en I+R dronken voor het eerst koffie op het roundpenterrasje. Titan verliest al wat winterhaar. Het lijkt wel voorjaar, maar dan vroeg, veel bomen hebben al knoppen, maar de noot gelukkig nog niet, verstandige boom. De afgelopen twee nachten heeft het gewoon nog gevroren en we hopen dit jaar wél op noten.
Morgen beginnen we met mest uitrijden in het ruïneveld. Oorspronkelijk wilden we dat kalm-aan doen, verspreid over meerdere dagen, maar of daar veel van terecht komt? Donderdag begint Jonathan met het omzagen van enkele bomen in de voortuin, daar zijn wij zelf waarschijnlijk ook behoorlijk bij betrokken, en Olivier komt nog deze week mest uitrijden aan de overkant. Wie had het daar over 'een rustige oude dag'?
In de afgelopen week was er welgeteld één droge dag, waarop we dan ook naar buiten snelden met snoeischaar en beugelzaag in de aanslag. Resultaat: de houtwal ziet er weer uit als een haag. Een natuurlijke haag natuurlijk, maar hij moet toch worden bijgehouden, anders woonden we in no time in het kasteel van doornroosje. Nu kan hij in het voorjaar weer mooi uitlopen. De takken blijven er gewoon onder liggen, zoals gewoonlijk.

We bekeken ook het werk van de overbuurman op de helling van het 'steile pad'. Hij legt in zijn eentje alle sparren op die helling om, dikke bomen. Een paar duizend zijn daar wel gemerkt. Als hij er een aantal heeft omgelegd, zaagzaag, zwiep, boem! klimt hij in de grote stripper en legt ze met de goede kant naar beneden zodat ze kunnen worden opgeladen. Enorm stoer werk voor zo'n jongen, maar wel saai op den duur, lijkt ons. Vandaag bomen, morgen bomen, en bomen de rest van je leven.
Nu regent het weer. En dit was het nu weer wat logactiviteit van het moment betreft, want ik heb net uitgerekend dat wij de komende twee weken in totaal zeventien mensen (en drie paarden) op bezoek krijgen, niet elke dag zoveel en niet allemaal tegelijk, maar van loggen zal wel niet veel komen. Bezig bezig. Het is maar goed dat wij alleen heel aardige mensen kennen.